Oudemanhuispoort

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Oudemanhuispoort

21 februari 2008

OUDEMANHUISPOORT, Het Oudemannenhuis (1754-1757)
Kloveniersburgwal 72
Rijksmonument

Oudemanhuispoort

Het voormalige Oudemannenhuis, beter bekend als de Oudemanhuispoort, ligt tussen de Oudezijds Achterburgwal en de Kloveniersburgwal. Na de Alteratie van 1578 werd het Oude Nonnenconvent opgeheven en als gasthuis ingericht. In de tweede helft van de 19e eeuw werd het oude gebouw met behoud van de grondvorm vernieuwd.

Ten behoeve van het nieuwe Oude Mannen- en Vrouwenhuis werd in 1600 een grote loterij georganiseerd waarvan de opbrengsten geheel aan het nieuwe huis ten goede kwamen  Het gebouw dat in 1602 in gebruik werd genomen, bestond uit vier vleugels die naar de mode van de tijd waren uitgevoerd in baksteen afgewisseld met natuurstenen banden en versieringen. De hoofdvleugel aan de noordzijde bestond uit twee achter elkaar gelegen vleugels en onderscheidde zich door een fraaie ingangspartij en een versierde top. Links en rechts van het voorhuis lagen de kamers van de regenten en regentessen, in het achterste deel de eetzalen en de ziekenzalen. De zijvleugels boden plaats aan huisjes waarin telkens twee mannen of vrouwen waren ondergebracht. Deze vleugels waren twee verdiepingen hoog. De binnenplaats was opgedeeld in een bleekveld aan de zijde van de vrouwenvleugel, de oude mannen keken uit op een siertuin inclusief cupido-beeldjes.

De vrouwen waren numeriek altijd verre in de meerderheid. Toch werd het huis het Oudemannenhuis genoemd, of de Oudemanhuispoort, naar de gang die langs de zuidvleugel liep en de Kloveniersburgwal met de Oudezijds Achterburgwal verbond.

Een nieuw gebouw

Kort na het midden van de achttiende eeuw werd de Oudemanhuispoort met behoud van de oude grondvorm vernieuwd. Het ontwerp werd geleverd door niemand minder dan burgemeester Pieter Rendorp (1703-1760), mogelijk in samenwerking met stadsarchitect G.F. Maybaum. Rendorp was een bewonderaar van het werk van de Haagse architect Pieter de Swart, een kenner van de Franse architectuur. In navolging van De Swart zijn de gevels opgetrokken in een ingehouden Lodewijk XV-stijl, waarvan de midden- en hoekpartijen in natuursteen zijn uitgevoerd. Het geblokte basement deelt de hoogte precies in tweeën. De hoofdvleugel aan de noordzijde heeft een balkon boven de ingang en wordt bekroond door een fronton met het stadswapen. De zuidgevel vertoont in het midden een driezijdige uitbouw bij wijze van ingangsportaal. De gang langs de zuidgevel veranderde in een overdekte doorgang met achttien winkelkasten die door het Oudemannenhuis werden verhuurd. Hier werden boeken en luxe artikelen verkocht, zoals sieraden en edelmetalen. Deze artikelen gaven de doorloop tussen de twee poortjes de allure van een voornaam winkelstraatje.  Onder de winkeltjes door loopt nog een oude sloot die in 1754 werd overwelfd.

De ingang aan de Kloveniersburgwal werd verfraaid met een poort die in 1784 werd ontworpen door stadsarchitect Abraham van der Hart (1747-1820). De poort wordt geflankeerd door Toscaanse zuilen die een hoofdgestel dragen. A. Ziesenis (1731-1801) vervaardigde de allegorische beeldengroep die het geheel afsluit. In het midden troont de Mildheid met de attributen van Overvloed (de hoorn des overvloeds), Wijsheid (boek) en Verlichting (een olielamp ). Aan weerszijden zijn de Armoe en Ouderdom uitgebeeld. Rechtsonder is de signatuur, ‘A. Ziesenis fec[it] 1786’. Het natuurstenen poortje aan de Oudezijds Achterburgwal dateert van na 1783 en wordt geflankeerd door Ionische halfzuilen. In het fronton is een knijpbrilletje uitgebeeld, in dit geval bedoeld als symbool van de ouderdom.

Universiteitsgebouw

In de negentiende eeuw nam het aantal bewoners in het Oudemannenhuis sterk af. In 1800 telde het Oudemannenhuis nog ruim honderdtwintig bewoners, in 1831, toen het tehuis werd gereorganiseerd, woonden er nog maar circa dertig oude lieden. Vanwege verminderde inkomsten werd het huis omgezet in een proveniershuis: een instelling waar bejaarde personen tegen betaling een bepaalde verzorging genoten. Tijdens de cholera-epidemie van 1831 deed het complex dienst als hulphospitaal. De winkelstraat werd uiteraard gesloten. Ook in 1848 deed een deel van het gebouw dienst als dependance van het gasthuis. Verder heeft het gebouwencomplex nog onderdak geboden aan onder andere de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten (1837-1875), de Rijksacademie (1870-1875) en aan het Museum Van der Hoop (1854-1885), waar in afwachting van de opening van het Rijksmuseum schilderijen tentoon werden gesteld. In 1880 werd het gebouw in gebruik genomen door de Stedelijke Universiteit, nu Universiteit van Amsterdam. Op de zolders werden collegezalen ingericht en de drie zalen van het schilderijenmuseum Van der Hoop werden in 1891 vervangen door een aula ontworpen door de architect C. Springer. In de doorgang keerden de boekenverkopers terug die na de sluiting van de winkelstraat naar de Botermarkt (nu Rembrandtplein) waren uitgeweken. De oude binnenplaats was inmiddels veranderd in een romantisch perk waar in 1880 een buste van Minerva van de hand van Franz Stracké werd opgesteld en in 1932 een beeltenis van Vossius en Barlaeus door Leendert Bolle.

De snelle toename van het aantal studenten maakte in 1925 uitbreiding noodzakelijk. Naast de poort kwam aan de Kloveniersburgwal een nieuw gebouw in de stijl van de Amsterdamse School naar een ontwerp van de architect P. Marnette. Deze nieuwe vleugel bood plaats aan drie grote collegezalen. In 1949-1951 bracht de kunstenaar Peter Alma in het gebouw een forse muurschildering aan die de geschiedenis van de wetenschap verbeeldde.

In de jaren zestig van de vorige eeuw onderging het voormalige Oudemannenhuis een totale renovatie. Feitelijk herinneren nu nog alleen de gevels aan de achttiende-eeuwse situatie. De aula en het bestuursbureau werden overgebracht naar het Maagdenhuis en de ernaast gelegen Oude Lutherse Kerk.

Literatuur
  • Eeghen, I.H. van, ‘De Oudemanhuispoort’, Maandblad Amstelodamum 66 (1979), pp. 125-130
  • Een eeuw Universiteit van Amsterdam. Jaarboek 1999, Amsterdam 1999
  • Haan, H.de en I. Haagsma, Al de gebouwen van de Universiteit van Amsterdam, Haarlem 2000
  • Meischke, R., ‘De gebouwen van het Binnengasthuis in de negentiende en twintigste eeuw’ in: Vier eeuwen Amsterdamse binnengasthuis, pp. 105-157
  • Vis, J., De Poort. De Oudemanhuispoort en haar gebruikers 1602-2002, Amsterdam 2002
  • Waal, A.M. van de , ‘De Oudemanhuispoort en het universiteitsgebouw’, in: Ons Amsterdam 5 (1953) pp. 59-62