Hoofdpostkantoor Magna Plaza

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Hoofdpostkantoor Magna Plaza

29 juli 2010

 

Magna Plaza (voormalig Hoofdpostkantoor)

(1895-1899) en (1988-1992)

Nieuwezijds Voorburgwal 182

C.H. Peters

Rijksmonument

het huidige Magna PlazaMagna Plaza, het voormalige hoofdpostkantoor, behoort tot de top-100 van rijksmonumenten die van buitengewoon cultuurhistorische waarde worden geacht. In 1988-1992 kreeg het gebouw een herbestemming als luxueus winkelcentrum. Het exterieur en waardevolle elementen in het interieur, waaronder de spectaculaire centrale vide, bleven daarbij ongemoeid.

Geschiedenis

Het hoofdpostkantoor dat in 1895-1899 verrees was het derde op rij. In 1755 werd het Generaal Post Comptoir gevestigd ter plekke van de uit 1612 daterende stadspaardenstal. In 1854-1856 bouwde de architect C. Outshoorn een nieuw Koninklijk Postkantoor dat op zijn beurt vervangen werd door een groter gebouw waarvan C.H. Peters (1847-1932) het ontwerp leverde. In zijn hoedanigheid als rijksbouwmeester heeft Peters vele postkantoren op zijn naam staan, onder andere dat van Arnhem (1888), Harlingen (1895), Kampen (1905), Deventer (1907) en Nijmegen (1908). Het Amsterdamse hoofdpostkantoor geldt echter, tezamen met het gebouw van het Ministerie van Justitie in Den Haag (1881) als zijn opus magnum. Het gebouw was net op tijd gereed voor de kroning van koningin Wilhelmina op 15 september 1898 in de Nieuwe Kerk, aan de overzijde van de Nieuwezijds Voorburgwal. In verband met de aanstaande kroning werd overal op het fries de letter W van Wilhelmina aangebracht, boven de pijlers aan weerszijden van de ingang bovendien voorzien van een kroontje. In de centrale hal kreeg de portretbuste van koningin Wilhelmina een ereplaats op de balustrade van de eerste verdieping, recht tegenover de hoofdingang. De afwerking van het gebouw liet nog even op zich wachten, waardoor het hoofdpostkantoor pas in 1899 voor het publiek werd opengesteld. 

De W is in het fries overal zichtbaar, ter ere van de kroning van Wilhelmina

Het hoofdpostkantoor heeft als zodanig dienst gedaan tot 1988 toen het naar een naburig pand aan het Singel verhuisde. Het oude gebouw werd voor een bedrag van 7,5 miljoen gulden gekocht door een Zweedse projectontwikkelaar die het tot een winkelcentrum van allure wilde omtoveren. Hiervoor werden vier architecten voor een besloten prijsvraag uitgenodigd. Als winnaar kwam Hans Ruijssenaars uit de bus, die, volgens de jury, erin was geslaagd binnen de gestelde marges een eigentijds winkelcentrum te ontwerpen met de uitstraling van een negentiende-eeuwse winkelpassage.

Hoofdpostkantoor

Het hoofdpostkantoor werd naar de mode van de tijd in een neogotische en neorenaissancistische mengstijl opgetrokken. Het trekt de aandacht door het gevarieerde silhouet van dakkapellen, puntgevels en opengewerkte torens.  Een levendig effect werd ook verkregen door de afwisseling van baksteen en natuursteen, de (deels in baksteen uitgevoerde) profileringen van de vensters, de sierankers en de gebeeldhouwde reliëfs waarvan de voorstellingen betrekking hebben op de functie van het gebouw. Omdat post en telegrafie mensen wereldwijd met elkaar in contact brengen, zijn de consoles op de derde verdieping aan de buitenzijde en in de centrale hal voorzien van koppen van verschillende volkeren. Op de kapitelen van de pijlers aan de ingang zijn posthoorns uitgebeeld. Op de topgevel aan de zijde van de Spuistraat prijkt het rijkswapen. detail gevel, koppen van verschillende volkeren

In het interieur domineert de geweldige centrale hal die, omringd door bogengalerijen, over drie verdiepingen doorloopt en via een glazen koepel licht ontvangt. Tegen de achterwand  waren de loketten gevestigd voor de verkoop van postzegels en voor banktransacties. Telegrammen konden afgegeven worden in de hoek naast de telefooncellen vanwaar ze per buizenpost werden getransporteerd naar de eerste verdieping waar de telegrafen stonden opgesteld. Naast de hoofdentree bevond zich de balie voor postwissels en kwitanties. In de achthoekige ruimte op de hoek van de Raadhuisstraat en de Spuistraat vond het laden en lossen van postzakken plaats. Op de verdiepingen waren kantoor- en opleidingsruimtes en een kantine ondergebracht.

Van postkantoor naar winkelcentrum

Bij de grote verbouwing in 1988-1992 door H. Ruijssenaars in samenwerking met B. Loerakker, bleef het exterieur in grote lijnen intact. Ten behoeve van lichttoetreding werd de sleuf langs het souterrain aan de Nieuwezijds Voorburgwal verbreed. De hoofdingang alsook de ingang tot het café dat in de achthoekige voormalige los- en laadruimte werd ondergebracht, werden voorzien van een soort luifels dat aan de Art Nouveau herinnert.

Het interieur onderging wel een totale gedaanteverwisseling. Ook bouwtechnisch vonden ingrijpende veranderingen plaats. De fundering, bestaande uit ruim 4500 houten palen, moest vervangen worden. Doordat het heien van buispalen op een aantal punten tot scheurvorming in het metselwerk leidde, is uiteindelijk een groot aantal nieuwe palen gepulst (door middel van een soort vijzel omlaag geperst), waardoor de bouwwerkzaamheden ruim een jaar vertraging opliepen.

Het interieur met zijn labyrint van kamers en gangetjes op de verdiepingen, werd geheel opengebroken. Maar het centrale element van het oorspronkelijke ontwerp, de hoge vide, bleef gehandhaafd. Een kleinere vide aan de rechterkant werd vergroot, en kreeg als tegenhanger een vide links van de centrale hal. Zo ontstond een geweldige, transparante middenruimte van drie vides omgeven door bogengalerijen en winkelruimtes. De ruimtelijke eenheid werd nog versterkt door de uniforme glazen winkelpuien en de glimmende gepolijste granieten vloeren. De oorspronkelijke vloer was in schaakbordpatroon uitgevoerd zoals nu alleen nog te zien is in de trappenhuizen.

indruk van het interieur

Architect Ruijssenaars is naar gelang de situatie historiserend te werk gegaan. Met de vergroting van een van de vides en het aanbrengen van een nieuwe vide heeft hij kolommen aangebracht  die, hoewel vervaardigd van staal en beton, in formaat en kleur en door het aanbrengen van schijnvoegen aansluiten bij de bestaande bogengalerijen. De lichtkoepel van de centrale vide is geheel nieuw, maar komt overeen met de oorspronkelijke koepel. Andere elementen zijn daarentegen onverbloemd eigentijds, zoals de liftschachten tegenover de ingang en de roltrappen die aan weerszijden vanaf de centrale hal de winkel - verdiepingen met elkaar verbinden. Elders werd de chique sfeer van een winkelpassage uit het negentiende-eeuwse fin-de-siècle vertaald in de vorm van nieuw hekwerk met grote stangen van messing in de bogengalerijen, de zwierige leuningen aan weerszijden van het ingangsbordes en de kolossale, extravagant vormgegeven lampen.

Literatuur

Bakker, S., “Comfortabel winkelen in voormalig Hoofdpostkantoor’’, Heemschut 69 (1992), pp. 6-8

Cate, G. ten, “Magna Plaza: van postkantoor naar winkelgalerij. Een voorbeeldige opdracht’’, Bouw 47 (1992), nr. 25, pp. 28-31

Rogge, C., “Een zeer verzorgde schepping. Het hoofdpostkantoor van C.H. Peters te Amsterdam’’ in Monumenten 1992, nr. 7/8 juli augustus, pp. 12-16

Roy van Zuydewijn, H.J.F., de, Amsterdamse bouwkunst 1815-1940, Amsterdam 1969

Ruijssenaars, H., Toelichting vernieuwing hoofdpostkantoor, Amsterdam 1988

Struktongroep n.v., “Masterplanning Magna Plaza’’ in Monumenten 1992, nr. 7/8 juli augustus pp. 29-31