Coymanshuis

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Coymanshuis

30 november 2007

Coymanshuis (1625)
Keizersgracht 177
J. van Campen
Rijksmonument

Keizersgracht 177

Het Coymanshuis is een van de vroegste ontwerpen van Jacob van Campen en daarmee het vroegste voorbeeld van Hollands classicisme in Amsterdam. De opdrachtgevers van het uitzonderlijk brede woonhuis waren de gefortuneerde broers Balthasar en Joan Coymans, die tot een rijk koopmansgeslacht behoorden. Zij besloten hun twee huizen in ieder geval uiterlijk samen te voegen en een gemeenschappelijke voorgevel te laten ontwerpen, waardoor het geheel een imposante uitstraling kreeg. Bovendien kwam de classicistische architectuur van Jacob van Campen beter tot zijn recht dan bij smallere percelen. Door zijn strenge ontwerp wist de architect de onregelmatigheid van het perceel achter de gevel perfect te maskeren. Het pand was vrijwel op slag beroemd toen Cornelis Danckerts en Salomon de Bray het ontwerp in 1631 opnamen in hun boek Architectura Moderna.

Brede voorgevel

De lijstgevel telt acht vensterassen, waarvan de middelste vier iets naar voren komen. In het met natuursteen beklede souterrain bevonden zich twee ingangen. Daarboven waren twee verdiepingen aangebracht, afgezet met ionische en composiete pilasters. Boven de vensters van de tweede verdieping bevonden zich frontons, die afwisselend driehoekig en gebogen van vorm waren. De gevel was afgesloten met een lage zolderverdieping, een zogenaamde mezzanino of attiek.

kapiteel dubbel kapiteel

raam met pilastersTot het einde van de achttiende eeuw onderging de gevel nauwelijks veranderingen. Toen het pand in 1780 in bezit kwam van Jan Elias Huydecoper liet hij de kruiskozijnen door schuiframen vervangen. Bovendien werden de vensters op de tweede verdieping verhoogd, waardoor de driehoekige en gebogen frontons werden verwijderd.

Rampzalige verbouwing

In 1868 volgde een ingrijpende verandering, toen de attiek bij een verbouwing werd afgebroken en met kleinere bakstenen tot een volwaardige verdieping werd verhoogd. In 1931 volgde een verdere verbouwing, met rampzalige gevolgen voor het pand. Bij de bouwwerkzaamheden stortte de achtergevel in en ging een groot deel van het interieur verloren. Om de bijzondere voorgevel te redden werd een geheel nieuw betonskelet opgetrokken. Daardoor bezit het pand inwendig nog maar weinig elementen die van voor 1931 dateren.

ingestort Coymanshuis 1931

Met een pleisterlaag bekleed

Waarschijnlijk inspireerde Van Campen zijn ontwerp op het beroemde Londense Banqueting House dat architect Inigo Jones in 1619 ontwierp. Een groot verschil met dat ontwerp is echter dat de gevel van het Banqueting House in natuursteen is uitgevoerd, terwijl het Coymanshuis een baksteengevel heeft.

Recent onderzoek heeft aangetoond dat het Coymanshuis waarschijnlijk vanaf het begin gepleisterd is geweest. De blokken waaruit de kapitelen zijn gehakt zijn namelijk veel breder dan op basis van de proportieleer nodig was. Bovendien zijn ze op het punt waar zij in het muurwerk overgaan nauwelijks bewerkt, wat zeer ongebruikelijk is. Daarom is het mogelijk dat de gevel in 1625 al van een bepleistering was voorzien en destijds dus meer op het Banqueting House leek dan nu het geval is.