Bushuis

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Bushuis

30 november 2007

Bushuis (1606)
Singel 423
Restauratie A.A. Kok 1920
Rijksmonument

Het Bushuis heden ten dage

In 1606, zoals de jaartalsteen aangeeft, werd het nieuwe Bushuis of Tuighuis voltooid. Dit pakhuis voor wapens verrees op het terrein van de Voetboogdoelen en diende als vervanging van het 'oude' Bushuis aan de Kloveniersburgwal. Toen het wapenpakhuis of Stads Magazyn naar het Singel verhuisde, werd het oude pand in gebruik genomen door de Verenigde Oost-Indische Compagnie.

Dikke muren

Het Bushuis bestond uit twee zeer diepe panden die doorliepen tot aan de huidige Handboogstraat. De gemeenschappelijke gevel aan het Singel is rijk gedecoreerd met rolwerk naar model van Hans Vredeman de Vries en een bekroning met leeuwenmaskers en bollen. Dit type decoratieve elementen komt in Amsterdam weinig voor. De twee hoge deuren dienden om het zware geschut gemakkelijk en snel naar buiten en binnen te kunnen rijden. Door latere ophogingen van het wegdek hebben deze deuren veel aan hoogte verloren. Op de zolders waren de lichtere wapens opgeslagen, zoals geweren, degens en musketten. Vanwege het grote gewicht van de opgeslagen wapens kreeg het Bushuis funderingsmuren van een meter dik en was het bovengrondse muurwerk meer dan vijftig centimeter in doorsnede.

Divers gebruik

Nog voor het einde van de zeventiende eeuw kreeg het Arsenaal deels een andere bestemming. Van 1682 tot 1810 deden de bovenverdiepingen dienst als Zijdewind-huis. Vooral meisjes van acht tot veertien jaar, dochters van bedeelden, moesten hier de ingevoerde ruwe zijden opwinden. Zij ontvingen daarvoor een geringe vergoeding; van de toegezegde lessen in lezen en schrijven kwam niet veel terecht. Op de eerste verdieping aan de Singelkant was een regentenkamer ingericht, een etage hoger was de woning voor de meesterknecht ondergebracht. De begane grond behield tot in 1787 echter wel zijn oorspronkelijke functie, de opslag van zwaar geschut. Daarna werd de ruimte in gebruik genomen als stalling, eerst voor de paarden van de cavalerie en vanaf 1808 voor de rijtuigen en paarden van het koninklijk hof.

Gravure met in het midden het Bushuis 
Van 1810 tot 1820 werden de bovenverdiepingen benut als zijdehal. Vervolgens werden de zolders ingericht als zetel van de militie en ontstond de naam van Militiegebouw of -zaal. Bij deze verbouwing werd de gevel gepleisterd en werden de kruiskozijnen daarin vervangen door empireschuiframen. In het midden van de gevel kwam een toegang tot het nieuwe trappenhuis daarachter. De militiezaal is van 1926 tot 1928 nog tijdelijk in gebruik geweest als raadzaal, omdat toen het stadhuis op de Oudezijds Voorburgwal werd uitgebreid en verbouwd.

Foto uit 1920

Restauratie

Bij een restauratie van de voorgevel door architect A.A. Kok in 1920, is de bepleistering weer verwijderd, werden de kruiskozijnen met luiken gereconstrueerd en kreeg de top weer zes sierbollen. Het poortje in het midden moest blijven zitten omdat het trappenhuis nog steeds in gebruik was. Deze toegang verdween alsnog in 1972 toen het voormalige Bushuis bij de Universiteitsbibliotheek (UB) getrokken werd. De UB was sinds 1880 aan het Singel 421 gevestigd en had al eerder delen van het buurpand benut als opslagruimte. Na de voltooiing van de nieuwbouw op Singel 425 (in 1969) werd het Bushuis in zijn geheel in gebruik genomen door de Universiteitsbibliotheek. Bij de restauratie werd ook de fundering vernieuwd, een klein deel van de voormalige stallen werd bestemd tot tentoonstellingsruimte. De restauratie van het Bushuis was zo ingrijpend dat achter de voorgevel nu een geheel nieuw gebouw schuilgaat, op enkele zeventiende-eeuwse onderdelen na.