Amstelhof / Hermitage

Amstelhof Hermitage Amstel 51

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 

Amstelhof / Hermitage

15 november 2007

Amstelhof (1681)
De Hermitage Amsterdam
Amstel 51
Hans Jansz. van Petersom (vermoedelijk)
Rijksmonument

amstelhof voorgevel

Het Amstelhof aan de Amstel ondergaat een interessante metamorfose van bejaardentehuis tot dependance van de Hermitage in Sint Petersburg, het grootste museum ter wereld. Het is de eerste herbestemming die het gebouw krijgt sinds het in 1682 in gebruik werd genomen als oudevrouwenhuis. De verbouwing is gecompliceerd, omdat voor een museum hoge eisen aan veiligheid en klimaatbeheersing worden gesteld.

Het gebouw heeft dus lang dezelfde bestemming gehad, zij het dat er sinds 1719 niet alleen voor vrouwen, maar ook voor oude mannen plaats was binnen de instelling. De laatste ingrijpende renovatie in de jaren zeventig van de twintigste eeuw was bedoeld om juist die oorspronkelijke functie te behouden en aan de eisen van het ministerie te voldoen. Een interessante oplossing werd gevonden door het dichtzetten van de lichthoven, waarin de technische voorzieningen werden ondergebracht. Hierdoor werden de monumentale waarden van het complex zo min mogelijk aangetast. Nu, ruim een kwart eeuw later, voldeed het complex niet meer aan de moderne eisen, voornamelijk omdat de kamers van de bewoners te klein waren. De wijzigingen die destijds zijn aangebracht kunnen overigens vrijwel zonder schade aan de oude constructie worden verwijderd.  Prent 1726

Het Amstelhof

De diaconie van de Nederduits Gereformeerde Gemeente - later Nederlands Hervormde Gemeente - kreeg van de burgemeesters in 1656 een groot stuk land ten geschenke voor de bouw van een weeshuis aan de Binnen Amstel, op de hoek van de Zwanenburgwal en de Zwanenburgstraat. Dat weeshuis is gesloopt om plaats te maken voor de nieuwbouw van de Stopera.

Omdat de diaconie zich ook wilde richten op de zorg voor oude vrouwen kreeg zij in 1681 kreeg opnieuw een schenking: een groot kavel tussen de (Nieuwe) Herengracht en de (Nieuwe) Keizersgracht “om bequam te bouwen een logement voor 400 ofte meer persoonen”. De diaconie kon op het terrein aan de Amstel daadkrachtig aan het werk, dankzij de erfenis van één van de lidmaten, Barent Helleman, die op 12 oktober 1680 ongeveer fl. 90.000,= naliet.

amstelhof

Vóór de start van de bouw werd het toelatingsreglement al vastgesteld: de weduwen moesten vijftien jaar in Amsterdam zijn ingeschreven en minstens tien jaar lidmaat van de kerk zijn.

De architect is vermoedelijk Hans Jansz. van Petersom geweest, de toenmalige stadstimmerman van Amsterdam. Het Oude Vrouwen Huys werd aanbesteed voor fl. 161.240,= en ongeveer fl. 6.000,= voor de inrichtingskosten. Binnen zestien maanden was de bouw gereed, een enorme prestatie voor een bouwwerk van dergelijke omvang, met een fundering van ruim 1.400 palen. Toen in 1719 ook oude mannen gehuisvest werden in het Amstelhof, werd de naam van het tehuis gewijzigd in DIAOVMH: Diaconie Oude Vrouwen en Mannen Huis.

indruk uit 1921

Het oude vrouwen- en mannenhuis was tot in de negentiende eeuw het grootste tehuis van Nederland. Het is gebouwd in een sobere classicistische stijl. Karakteristiek voor het Amstelhof is de symmetrische voorgevel aan de Amstel van maar liefst 76 meter breed. Omwille van de symmetrie is in het midden van de gevel een ingangsportaal geplaatst. Die ingang is echter altijd een schijntoegang geweest die nooit heeft aangesloten op de kerk- en eetzaal erachter. Op verzoek van de burgemeesters kreeg het Amstelhof een centrale, monumentale toegang, zoals gebruikelijk was voor voorname gebouwen. Aan weerszijden van de schijntoegang bevinden zich de toegangen voor de ‘besjes’, met steektrappen voor de ontsluiting van de verdieping.

Interieur

Tot 1925 beschikte het Amstelhof over ruime kamers met vier bedsteden, een groot voordeel in vergelijking met de grote gemeenschappelijke slaapzalen van andere charitatieve instellingen. De maaltijd werd driemaal daags gebruikt in de eetzaal aan de Amstel. Behalve als eetzaal werd deze ruimte ook gebruikt als kerkruimte en om feesten en toespraken te houden. amstelhof interieur
De twee verdiepingen hoge en bijna vleugelbrede zaal, exclusief de regentenkamers op de hoeken van het gebouw, was indertijd zelfs drie voet (0,85 meter) langer dan de Burgerzaal van het stadhuis op de Dam. De oorspronkelijke balkenzoldering is in de negentiende eeuw aan het zicht onttrokken door een vlak stucplafond.

De regentenkamers werden gebruikt voor algemene vergaderingen en liggen op de twee hoeken van de vleugel. De kamers voor de regentessen en die voor de regenten zijn van elkaar gescheiden.

In 1881 vond aan de oostzijde een uitbreiding van het tehuis plaats die bestemd was voor de huisvesting van mannen. Deze vleugel werd ontworpen door P. J. Hamer en is tijdens de laatste renovatie gesloopt om plaats te maken voor de hoofdtoegang die aan de achterzijde van het gebouw geplaatst werd.

interieur oude keuken

Een van de belangrijke inkomstenbronnen van de diaconie was de verhuur van het souterrain. Hier bevond zich ook de keuken. Al spoedig was een uitbreiding van de keuken gewenst en werd een aangrenzende ruimte erbij getrokken. Er moest gekookt worden voor meer dan 700 mensen! De grote ketels bevonden zich binnen bakstenen mantels, de rook werd door ronde bakstenen pijpen in de rookkap afgevoerd. Houten trapjes waren nodig om in de ketels te kunnen roeren. De keuken bleef tot 1862 in gebruik. Tijdens de laatste restauratie is de keuken in de oorspronkelijke staat hersteld en werden de kookpotten gereconstrueerd.

Tuin

Met de ‘tuin van het Amstelhof” wordt zowel de tuin achter het hoofdgebouw, tot de terreinafscheiding aan de Weesperstraatzijde, als de centrale binnenhof van het hoofdgebouw bedoeld. Beide onderdelen zijn in hun huidige vorm in 1979 ontworpen door Mien Ruys en Hans Veldhoen. Centraal in dit ontwerp staat de open ruimte direct aan het hoofdgebouw en de daarop aansluitende as, terwijl elk gebouw een eigen individueel herkenbare plek heeft, die door begroeiing, paden en aankleding nadrukkelijk onderdeel uitmaakt van het totale ontwerp. Alhoewel deze tuin niet teruggaat op de historische tuin, herinnert een aantal onderdelen - solitairbomen en een dwarsas - aan de voormalige situatie.

gevels vanuit het binnenhof

In 1681 wordt al gesproken over een ”net geregelde boomgaard” bij het Oude Vrouwen Huis. Volgens de kaart van Gerred de Broen van een halve eeuw later (1732) , wordt het grootste gedeelte van het terrein ingenomen door een geometrisch aangelegde siertuin. De assen van deze formele tuin zijn echter niet gericht op het Oude Vrouwen Huis, maar op het Corvershof dat in 1723 aan de Nieuwe Herengracht was gebouwd, in de rooilijn van de zijvleugel van het hoofdgebouw. De kaart toont tevens de afsluiting van het terrein aan de achterzijde door een lang hek aan de Weesperstraatzijde. In de eeuwen na 1732 is de tuin, zoals zoveel andere tuinen, aangepast en gedeeltelijk veranderd in een Engelse landschapstuin.