Het doel van de gewijzigde monumentenwet is archeologische waarden beter te beschermen en te verankeren in de ruimtelijke planvorming. Als gevolg hiervan zijn stadsdelen verplicht bij de vaststelling van een bestemmingsplan rekening te houden met de in de grond aanwezige, dan wel te verwachten archeologische waarden.
In de voorschriften van het bestemmingsplan kunnen voorwaarden worden verbonden aan een bouwvergunningen of aanlegvergunningen. Uitgangspunt voor een dergelijk vergunningsstelsel is een archeologische waardestelling in de vorm van een bureauonderzoek (BO). Ook in het kader van een milieueffectrapportage dienen effecten van de ingreep op de cultuurhistorie (incl. archeologie) onderzocht te worden. Bureau Monumenten en Archeologie ontwikkelt in nauwe samenwerking met alle stadsdelen en centraal stedelijke diensten bruikbare instrumenten.