De archeologische signaleringskaart online

Kruimelpad

 

De archeologische signaleringskaart online

15 juni 2011

In december 2010 overhandigde wethouder Gehrels, tijdens een feestelijke presentatie, de Archeologische Signaleringskaart Amsterdam aan haar collega portefeuillehouders van de stadsdelen. Deze Archeologische Sinaleringskaart is een mijlpaal in de in samenwerking tussen het Bureau Monumenten & Archeologie (BMA), de stadsdelen en andere gemeentelijke diensten. Daarnaast is het een belangrijke stap in de integratie van archeologie in de ruimtelijke ordeningsprocessen. In Amsterdam gebeurt dit bij voorkeur via het bestemmingsplan. Veel vigerende bestemmingsplannen zijn echter nog niet archeologie-proof. Bij bouwplannen in deze bestemmingsplangebieden bestaat echter wel de kans dat er archeologische resten worden aangetroffen. In dat geval geldt een meldingsplicht en kunnen werkzaamheden ten behoeve van archeologisch onderzoek stil worden gelegd. Dit leidt tot vertraging en onnodige kosten. Om dit te vermijden is door Bureau Monumenten & Archeologie (BMA) de Archeologische Signaleringskaart Amsterdam ontwikkeld. Deze kaart biedt twee opties: wel of geen archeologisch bureauonderzoek.

Doel

Met behulp van de Archeologische Signaleringskaart kan bij een voorgenomen ontwikkeling of vergunningverlening, in een gebied waar archeologie nog niet in het bestemmingsplan is opgenomen, toch een eerste archeologische toets worden uitgevoerd. Daarmee kan de Archeologische Signaleringskaart zorgen voor een vlotte doorgang van een bouwproject en ook kosten besparen. De kaart is geen archeologische waardenkaart waarop in detail de archeologische waarde van terreinen staat aangegeven. Archeologische waardenkaarten worden op verzoek van de stadsdelen en de ruimtelijke ordeningspartners per bestemmingsplangebied of bouwplan opgesteld.

Doelgroep

De Archeologische Signaleringskaart is in eerste instantie bedoeld voor medewerkers die werkzaam zijn in de ruimtelijke sector, vergunningverlening of archeologische monumentenzorg van de stadsdelen en de centrale diensten van de gemeente Amsterdam. De kaart is - ook voor degenen die onbekend zijn met archeologie - eenvoudig raadpleegbaar en de archeologische gegevens kunnen structureel en tijdig bij ruimtelijke ontwikkelingen betrokken worden.

Archeologiebeleid in Amsterdam: efficiëntie, uniformiteit en kwaliteit

De ondergrond van Amsterdam herbergt een rijk bodemarchief. Als onderdeel van het collectief geheugen van de stad en van haar bewoners vergt het archeologische erfgoed een zorgvuldige omgang. Tegelijkertijd wil BMA zorgen voor een vlotte afwikkeling van ruimtelijke ordeningsprocessen en beheersbaarheid van de kosten voor archeologisch onderzoek. Dit vraagt om een pragmatisch en uniform gemeentelijk beleid.

BMA ontwikkelt dit beleid op basis van vier pijlers:

  1. De erfgoedverordening.
    In samenwerking met de stadsdelen en de Bestuursdienst heeft BMA een uniforme erfgoedverordening gemaakt, waarin de verschillende bevoegdheden zijn geregeld. De erfgoedverordening zorgt ervoor dat Amsterdam zorgvuldig en stadsbreed op dezelfde wijze met het archeologisch erfgoed om gaat.
  2. Archeologie opnemen in bestemmingsplannen.
    Op verzoek van de stadsdelen maakt BMA ten behoeve van nieuwe bestemmingsplannen een archeologisch bureauonderzoek. Op basis van het bureauonderzoek wordt een gedetailleerde archeologische waardenkaart van een bestemmingsplangebied gemaakt en worden bestemmingsplanregels opgesteld. In samenwerking met de Dienst Ruimtelijke Ordening heeft BMA modelregels voor archeologie in bestemmingsplannen geformuleerd.
  3. Mandatering van bevoegdheden.
    Om besluitvormingsprocessen vlotter te laten verlopen kunnen stadsdelen hun archeologische beslissingsbevoegdheid (het zogenaamde selectiebesluit) en de kwaliteitscontrole mandateren aan het afdelingshoofd Archeologie van BMA (de stadsarcheoloog).
  4. De Archeologische Signaleringskaart.
    BMA stelt de Archeologische Signaleringskaart beschikbaar aan de stadsdelen en de verschillende diensten van de stad. Het gebruik van de Archeologische Signaleringskaart kan zorgen voor een vlottere doorgang van een bouwproject en is kostenbesparend.

Archeologie in de praktijk

BMA gaat uit van een gefaseerde aanpak. Hierdoor kan per plangebied, op basis van de aard van de bodemingreep, een op maat gesneden advies worden opgesteld. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen een Bureauonderzoek, een Inventariserend Veldonderzoek, een Archeologische Opgraving en een Archeologische Begeleiding. Elke fase wordt afgesloten met een selectiebesluit, waarin wordt aangegeven hoe de volgende stap in het archeologietraject moet worden ingevuld.

Op basis van de Archeologische Signaleringskaart wordt bepaald of een gebied is vrijgesteld van archeologisch onderzoek of dat er een bureauonderzoek moet worden uitgevoerd. Een bureauonderzoek geeft aan of nader archeologisch veldonderzoek noodzakelijk is. In de praktijk betekent het gemeentelijk archeologisch programma overigens zelden opgraven. Meestal wordt een gebied vrijgegeven of zonder het bodemarchief te verstoren ingepast in de ruimtelijke ontwikkeling.

Een archeologie-proof bestemmingsplan of een bureauonderzoek geeft aan of een inventariserend veldonderzoek of een archeologische begeleiding noodzakelijk is. Veldonderzoek is bedoeld om de resultaten van het bureauonderzoek te toetsen. Pas wanneer uit dit onderzoek blijkt dat er belangrijke archeologische resten aanwezig zijn volgt een archeologische opgraving.

Opbouw Archeologische Signaleringskaart Amsterdam

De Archeologische Signaleringskaart is op basis van verschillende informatiebronnen, zoals informatie over archeologische vindplaatsen, historische kaarten en de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW), samengesteld. Al deze informatie is samengevat en vereenvoudigd in één kaartbeeld. De kaart is toegankelijk zonder specifieke kennis over het archeologisch erfgoed en daardoor laagdrempelig raadpleegbaar.

De analyses die voor de productie van de Archeologische Signaleringskaart nodig waren, werden uitgevoerd met behulp van een Geografisch Informatie Systeem (GIS). Hierin werd alle relevante archeologische en historische informatie, door middel van georefereren, van een geografische positie voorzien. Zo kan deze informatie nu gecombineerd worden met actuele topografische kaarten, luchtfoto's, plannen uit de structuurvisie en ontwikkelingsplannen.

Functie

De Archeologische Signaleringskaart Amsterdam heeft zijn functie vooral tijdens het vooroverleg tussen een aanvrager van een omgevingsvergunning en de vergunningenverlener. Daarnaast dient de kaart als signaleringsinstrument bij grote ruimtelijke projecten. Het is een procedurekaart waarop staat of voor een bouw- of sloopplan, voorafgaand aan de aanvraag van een omgevingsvergunning, een archeologieprocedure van toepassing is. De mogelijkheid voor een stadsdeel, gemeentelijke dienst, projectontwikkelaar of particuliere bouwer om, wanneer archeologie niet in het bestemmingsplan zit, zelf een eerste archeologietoets uit te kunnen voeren staat hierbij centraal. De kaart is dus een visuele checklist.

De kaart is opgebouwd uit vijf categorieën, ieder aangegeven met een eigen kleur.

  1. Zones waar altijd een bureauonderzoek nodig is.
  2. Zones waar bureauonderzoek nodig is bij ingrepen dieper dan de waterbodem.
  3. Zones waar bureauonderzoek nodig is bij ruimtelijke ontwikkelingen van 10.000 m2 of groter.
  4. Zones waar bureauonderzoek nodig is bij ontwikkelingen van 10.000 m2 of groter, dieper dan de waterbodem.
  5. Zones waar geen bureauonderzoek nodig is.

Stappenplan Archeologische Signaleringskaart Amsterdam

Voor het gebruik van de signaleringskaart in de vergunningenprocedure is het volgende stappenplan opgesteld. In deze PDF staat alles stap-voor-stap.

Vragen?

Voor vragen kunt u contact opnemen met Bas van Sprew op b.vansprew@bma.amsterdam.nl.